OCMW van Sint-Joost

Geschiedenis

Sint-Joost-ten-Node is niet alleen de kleinste, maar ook de armste gemeente van het land. Het OCMW staat er dus voor grote uitdagingen.

Tot in de jaren vijftig van de 20ste eeuw was de administratie van het OCMW gelokaliseerd in de rechtervleugel van het oude hospitaal van Sint-Joost op het Félix Delhaye plein. Tijdens WO II werd dit hospitaal gebruikt door de Duitse bezetter. Zeker vanaf 1958 worden de archieven bewaard in de Verbiststraat 88.

Het lijkt er op dat er archieven verdwenen zijn bij de verhuis naar nieuwe lokalen in 1977. Uit een antwoord uit 1958 van de voorzitter en de secretaris van de Commissie van Openbare Onderstand op een enquête van het Algemeen Rijksarchief, bleek dat op dat moment de registers van de ‘pensionaires’ van het Hospice Névraumont beschikbaar waren vanaf de opening van deze instelling in 1857. Ook gingen de registers met de verslagen van de Raad van de Commissie van Openbare Onderstand terug tot 1848. Maar bij het inspectiebezoek van Rijksarchivaris André Vanrie in 1990 bleek dat de registers van het hospitaal maar terug gingen tot 1895, en dat de verslagen van de vergaderingen van het OCMW en voorgangers maar werden terug gevonden vanaf 1935.

In 1974 droeg de Commissie van Openbare Onderstand van Sint-Joost-ten-Node 40 meter boekhoudkundige stukken van ca. 1860 tot 1940 over aan het Rijksarchief, ‘en vrac’, en zonder inventaris. Ze bevinden zich vandaag in het Rijksarchief te Brussel, en werden nog niet geïnventariseerd.

 

 

Leiding, bewaring en digitalisering van het archief

Rijksarchivaris Marc Libert stelde bij een inspectie in 2006 vast dat de bewaaromstandigheden van de archieven verslechterd waren in vergelijking met 1990. Documenten werden o.a. bewaard in een vochtige garage, en op een rommelige zolder. Dozen en archieven stonden kriskras door elkaar op de grond, in de grootst mogelijke wanorde, meestal onverpakt.

Het OCMW van Sint-Joost heeft sinds 2006 een archivaris in dienst, waardoor de situatie sterk is verbeterd. In 2006 werd Benedicte Causteur aangeworven. Nadat een einde was gekomen aan haar contract in 2009, kwam Raymond Rottiers in dienst in 2010. Hij heeft veel geklasseerd en geordend, o.a. op de zolder, heeft lijsten opgesteld en is begonnen met het verpakken van de archieven. Er is een inventaris op Excell van het archief en de bibliotheek. Omdat Raymond Rottiers met pensioen ging in 2018, werd in 2017 bibliothecaris-documentalist Bernard Gecse aangeworven. Beiden werkten een tijdje samen. Na de pensionering van Raymond Rottiers nam Bernard Gecse de fakkel van archivaris over, hierin tijdelijk bijgestaan door Céline Jacob. In juni 2018 werd een deel van de archieven van de sociale dienst voor bewaring overgebracht naar een gespecialiseerde externe firma. In december 2018 werd ook een eerste vernietiging uitgevoerd van 37 m sociale dossiers.

Gezien het gebrek aan opslagcapaciteit en het feit dat er in de voorbije jaren weinig archief vernietigd is, kan er wellicht heel wat plaats worden gewonnen met een vernietiging volgens de selectielijst van het Rijksarchief.

Tot dusver werd nog maar een deel van het archief verpakt in zuurvrije dozen. Het zou een goede zaak zijn als dit zou worden uitgebreid voor alle documenten die op lange termijn moeten bewaard blijven.

 

 

Aanvullende gegevens

 

Harald Deceulaer (Rijksarchief) © Alle rechten voorbehouden